Sociale zekerheid – Gewaarborgd minimumpensioen – Bijkomende voorwaarde – Uitzonderingen – Overgangsregeling

De wet van 25 april 2024 houdende de hervorming van de pensioenen voert een correctie in op het pensioenstelsel. Wanneer de berekening van het pensioen van een persoon een resultaat oplevert dat lager ligt dan een bepaalde drempel, wordt het aan hem toegekende pensioen verhoogd tot het gewaarborgd minimumbedrag op voorwaarde dat die persoon een loopbaan van minstens 30 jaar bewijst. Die nieuwe voorwaarde wordt uitgedrukt in daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten over de gehele loopbaan. Met arrest nr. 19/2026 van 12 februari 2026 vernietigt het Grondwettelijk Hof artikel 3, ยง 5, derde lid, van de wet van 25 april 2024 in zoverre het de dagen van militieverplichtingen in het Belgisch leger, de dagen van lock out, de periodes van uitoefening van een functie van rechter in sociale zaken of van een ambt in de commissies die zijn opgericht met het oog op de toepassing van de sociale wetgeving, de dagen van voorlopige hechtenis ingevolge een feit waarvoor de betrokkene geen veroordeling heeft opgelopen en de periodes van syndicale opdracht, niet gelijkstelt met daadwerkelijk gepresteerde voltijdse dagequivalenten. Het Hof verwerpt het beroep voor het overige.

p 1440 | 19/2026 | | Grondwettelijk Hof